Uitval

Uit schermwiki
Ga naar: navigatie, zoeken

De uitval is een voetenwerkbeweging.

1 Biomechnische analyse van de stap-uitval volgens Gulheim 2014[bewerken]

In een artikel uit 2014 van Gulhiem et al[1] staat een biomechanische analyse voor een stap-uitval (vrouwen-sabel, topniveau).

1.1 Werkwijze[bewerken]

Helemaal op waarde schatten van de gevolgde procedure kan ik (BW) niet, maar met goede registratie van de grondreactiekrachten moet in ieder geval de totaal geleverde arbeid en vermogen goed in te schatten zijn. Zover ik begrijp zijn in de test de EMG-signalen gekoppeld aan de hoeken tussen de lichaamssegmenten voor verdere dataverwerking. Uiteraard gaat dan het biomechanische model van de schermer een belangrijke rol spelen bij het opsplitsen bij de activiteiten van de verschillende spiergroepen.

1.2 Resultaten[bewerken]

Uitkomst is dat deze dames (in de richting van de uitval/verplaatsing) maximaal 1000 Watt leveren bij de opbouw van de snelheid en 1500 Watt bij het afremmen. Deze remkracht wordt voornamelijk geleverd door de kniestrekkers (knee extensors) en de enkelstrekkers (plantar flexors), die een maximale kracht leveren van ongeveer 80kgf (800N, één been). Dit betekent dat deze DAMES grofweg hun eigen lichaamsgewicht kunnen 'duwen' met de knieën en enkels, waarbij de hoek van de knie ongeveer 120-90 graden is.

Tijdens een stap-uitval werken de spieren vrijwel maximaal (maximaalkracht). Bij fase 2-tot-3 (de echte afzet van de uitval), werkt de gluteus maximus (Gmax), ofwel de grote bilspier, 100%. De gastrocnemius lateralis en soleus (GL en SOL), ofwel de kuitspieren, en de vastus lateralis (VL), ofwel brede zijspier, die zich aan de buitenkant bovenbeen bevindt) tikken ook allemaal de 100% aan.


Volgens het artikel leveren zowel de voor- als achterbenen van de schermers bij 90 graden de grootste heupmoment (zie tabel 2), de knie bij ongeveer 60 graden en de enkel bij 150 graden. (althans, bij het strekken, bij het buigen is het net anders).

1.3 Discussie[bewerken]

De hogere krachten die bij afremmen spelen dan bij versnellen geven aan dat krachttraining in eerste instantie zou moeten richten op de spiergroepen die je gebruikt bij het vertragen. Immers, als dat niet in orde is en je gaat uitvallen dan neemt de blessurekans flink toe.

De kracht van 800N (80kg) per been zou met een beetje fantasie te interpreteren kunnen zijn dat een topschermer in ieder geval een 'pistol squat' zou moeten kunnen maken. Immers, daarin is de geleverde kracht van de knie in het hele bewegingsbereik voldoende om het eigen lichaamsgewicht te tillen. In ieder geval zullen 'seated pistol squats' moeten kunnen, waarbij je vanuit een 90 graden hoek van de knie strekt naar stand.

De spieren die tijdens de beweging 100% ingezet worden, zijn in ieder geval voor deze atleten de belangrijkste spieren om te trainen. Dit kan zijn omdat (a) deze bij uitvallen altijd de bottleneck zijn OF (b) omdat deze spieren bij deze atleten het minst getraind waren en dus het hardste moesten werken. Gezien de data, het alleen de stap-uitval betreft en het feit dat alle weergegeven spiergroepen significante EMG=activiteit laten zien (>50% van het maximum) lijkt mij optie b echter onwaarschijnlijk en blijft het nodig om alle beenspiergroepen te trainen.

Uit de data blijkt overigens niet hoeveel aandeel welke spiergroep heeft in het totale vermogen, immers een grotere spiergroep die maximaal vermogen levert heeft een grotere bijdrage.

2 Bronnen[bewerken]

  1. Gulheim et al, 2014, Mechanical and Muscular Coordination Patterns during a High-Level Fencing Assault, Medicine & Science in Sports & Exercise. bron: http://www.researchgate.net/publication/259807709_Mechanical_and_Muscular_Coordination_Patterns_during_a_High-Level_Fencing_Assault